Op woensdag 17 november was MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez te gast in het Kasteel de Merode in Westerlo. Hij ging er spreken voor Build, een meertalige groep van ondernemende mensen die conferenties organiseert met binnen- en buitenlandse sprekers. Een nieuwe gelegenheid om in Vlaanderen zijn project voor België toe te lichten.

Ons land heeft een werkzaamheidsgraad van 80% nodig om de welvaart op te krikken en om de overheidsfinanciën op orde te krijgen. Op dit moment heeft 69% van de actieve bevolking een job: in Vlaanderen is dat 72%, in Wallonië maar 62% en Brussel vergaat het nog slechter met maar 59% werkenden. Ter vergelijking: buurland Duitsland heeft een werkgelegenheidsgraad van 84%. Van de meer dan 300.000 werklozen in België moeten er zoveel mogelijk naar de 140.000 knelpuntberoepen worden geleid. Onze bedrijven en onze economie hebben die krachten nodig om te groeien. Halsstarrige werkweigeraars moeten van de MR een sanctie krijgen. Wie gedurende een werkloosheidsperiode van 2 jaar 2 jobaanbiedingen of 2 opleidingsaanbiedingen voor een knelpuntberoep afslaat, moet de werkloosheidsuitkering verliezen en een boete van 10% op het leefloon krijgen. Deze maatregel is nodig om aan de 80% werkenden te komen.

Een gezond overheidsbudget en een hoge werkgelegenheid zijn nodig om de pensioenen te kunnen blijven betalen. De pensioenuitgaven stijgen immers elk jaar met 1 miljard euro. Een buschauffeur die voor De Lijn werkt, voor een privéwerkgever of als zelfstandige krijgt helaas niet hetzelfde pensioen voor exact hetzelfde werk. Die ongelijkheid wil de MR wegwerken met een gelijkschakeling tussen de pensioenen van de verschillende statuten.

Minder belastingen voor mensen die werken, voor de middenklasse die elke dag moeite doet voor zichzelf en voor anderen, dat is pas fiscale rechtvaardigheid. Elke euro boven een nettosalaris van 2.130 euro wordt aan 50% belast. Wie netto 2.000, 3.000, 4.000, 5.000 of 6.000 euro verdient, is voor de MR trouwens niet rijk. De lasten op arbeid bij de middenklasse moeten omlaag en dus moeten ook de overheidsuitgaven naar beneden.

Om de klimaatverandering tegen te gaan, hebben we niet minder maar net meer groei nodig. Klimaat, sociaaleconomische vooruitgang en vrijheid gaan hand in hand met de hulp van wetenschap, ontwikkeling en techniek. Tegen 2030 moeten we 55% minder CO2 uitstoten. Dat is elk jaar opnieuw 4% minder uitstoot, het equivalent van 2,5 miljoen auto’s. Daarvoor zijn geen kleine maatregelen nodig die de vrijheid of het leven van mensen nodeloos inperken. Maar wel grote industriële en maatschappelijke keuzes, met dank aan vooruitgang en aan de nieuwste technologieën. De MR staat voor een duurzame toekomst, waarbij we geen schulden maken om geld uit te geven dat er niet is.

De komende jaren en decennia zullen we niet minder maar net meer elektriciteit nodig hebben. Daarom pleit de MR voor een energiemix van hernieuwbare en kernenergie. En dus niet voor nieuwe gascentrales zoals de groenen willen, want dat zijn echte CO2-fabrieken, die elk jaar miljoenen tonnen CO2 in de lucht zullen jagen. Hoe kun je aan Vlamingen uitleggen dat ze zich over een paar jaar in nieuwbouwwoningen niet meer met gas mogen verwarmen en dat ze een elektrische auto moeten kopen, als de federale regering binnenkort zou beslissen om onze CO2-neutrale kerncentrales te sluiten om in Vilvoorde en Luik vervuilende CO2-gasfabrieken te bouwen? We gaan toch niet het enige land zijn dat die fout begaat voor onze bevoorradingszekerheid, voor de energieprijs, voor de energie-onafhankelijkheid van andere landen en voor onze CO2-uitstoot? Frankrijk, de Verenigde Staten, China, Groot-Brittannië en intussen ook Nederland hebben om al die redenen voor moderne kernenergie gekozen.